woensdag 3 september 2014

Advies van een lieveheersbeestje



Al dagen lang wandelde het lieveheersbeestje op de muur boven het aanrecht rond. Omhoog naar het plafond, weer terug omlaag en dan weer naar rechts naar de afzuigkap. Nooit gehaast of stresserig, maar onverzettelijk en kennelijk doelbewust. Wat het zespotertje zocht, was niet duidelijk. Voedsel of gezelschap zou het in ieder geval niet vinden.

Ondertussen zocht ik zelf naar wegen om het bedrijfsverhaal van een klant beter bij zijn relaties in beeld te brengen. De dagelijkse blik op de wandeltochten van het lieveheersbeestje werkte daar op de een of andere manier inspirerend op. Het werd een dagelijkse soap. Ik kreeg de neiging hem te begroeten met een amicaal “Weertje hè, buurman?” 

 Shangri-La 

 

Ha, nu ontdekte hij het rolgordijn, dat voor hem een soort Himalaya moest zijn. Twee dagen later betrad de zwart bestipte Robinson Crusoë de kale vlakte van het keukenraam. Dat moet een zinsbegoochelende ervaring voor het diertje geweest zijn, want hij kon zijn Shangri-La van groene struiken, malse blaadjes en vrije soortgenootjes wel zien, maar niet bereiken.  

Bevrijding

 

Na een week kreeg ik medeleven. Met een glas en een ansichtkaart uit de Biesbosch ving ik het schepseltje voorzichtig en zette het buiten op een mooie groene tak. Erg tevreden met mijn onbaatzuchtige daad, verwachtte ik minimaal een ‘dank je wel’ of een verheugde juichkreet van het bedrijvige insect. Maar het enige wat ik het lieveheersbeestje chagrijnig meende te horen roepen was: “Nou, dat heeft wel even geduurd voordat je doorhad dat ik naar buiten wilde. Lampje!” 

Doelbewuste communicatiestrategie

 

Verbluft keek ik naar het langzaam wegmopperende brokje frustratie. “Dus als ik het goed begrijp, probeerde je mij de hele week al duidelijk te maken dat je naar buiten wilde? En was je niet bezig met een hopeloze missie, maar met een doelbewuste, intelligente strategie om bij mij in beeld te komen?” 

Nieuwsbrief

 

Vanachter een ontluikende bloemknop hoorde ik hem nog roepen. “Wat dacht jij dan? Toen ik merkte dat ik niet overkwam, moest ik een andere manier vinden om je aandacht te trekken. Telkens opnieuw, maar toch telkens nieuw en boeiend. Nou, en dat lukte uiteindelijk!” Toen wist ik direct wat ik mijn klant kon voorstellen. Denk eens na over een informatieve nieuwsbrief! Dat is een bijzonder werkzame aanpak om telkens opnieuw, maar toch nieuw en boeiend, uw verhaal bij uw relaties onder de aandacht te brengen. Veel doeltreffender dan wat het lieveheersbeestje had verzonnen. 


Ik denk graag met u mee en ben benieuwd naar het verhaal voor uw relaties.


"Laat Tekstburgh uw nieuwsbrief maken"

donderdag 10 april 2014

Ruzie met Eva



Dit was wel het laatste wat ik van Eva verwachtte. Ik vroeg haar hoe ik morgen vanuit Oss tijdig met de trein naar mijn workshop in Amsterdam kon komen. Ging ze vragen om mijn naam en mijn adres, mijn e-mail en mijn telefoonnummer. Alsof ze verkering wilde. Eerder had ik mijn vraag voorgelegd aan de NS Reisplanner. Maar die had zijn vingers niet gebrand aan duidelijkheid over mogelijke vertragingen rond de bouwput van Station Den Bosch. Dus nam ik Eva in de arm, want ik wilde vooral niets missen van mijn workshop over bloggen.
  

Moeilijk, moeilijk, moeilijk

Kon zij mij dan vertellen of ik vroeger zou moeten opstaan of een andere route kiezen? Maar Eva draaide er al net zo om heen als haar baas. Het loket was gesloten, alles was moeilijk, moeilijk, moeilijk, maar morgen kon ik wellicht wel antwoord krijgen. Wilde ik misschien in de tussentijd mijn naam en adres met haar delen?

Verkering

Nou, ik dacht het niet, Eva! Ik wil reisinformatie, geen verkering. Hoe tactvol of onbeschoft ik mijn vraag ook formuleerde, Eva ging gewoon door met om mijn naam en adres te vragen, keer op keer. Niet slim, liet ik mij verleiden om met haar in discussie te gaan, al kon ik dat als man nooit winnen. Laat staan dat ik antwoord op mijn vraag zou krijgen.

Ruzie

Want Elektronische Eva was zo’n virtuele informatiedame. Daar krijg ik altijd ruzie mee. Die vertellen je niks, maar willen wel alles van je weten. Waarom blijven bedrijven toch denken dat die digitale dames nuttig zijn in het contact onderhouden met hun klanten? Geef ons een echte dame! Of heer, dat maakt in dit verband niet uit. Maar iemand die echt luistert en begrijpt wat ik wil weten. En daar dan ook een echt antwoord op geeft. Zonder mij van het kastje naar de muur en retour (2de klas) te sturen?

Op tijd

Uiteindelijk heb ik het verstandigste gedaan wat je als treinreiziger kunt doen. Een trein eerder nemen en maar zien. En ja hoor, ik was op tijd in Amsterdam. En Eva? Die wacht nog op verkering. 

www.tekstburgh.nl
Twitter:@HaksWalburgh



woensdag 15 januari 2014

AHamsteren!!



Al jaren verbaas ik mij over die Albert Heijnactie “Hamsteren”. Daarbij denderen gulzige hamstertjes massaal richting de supermarkt om eens flink te profiteren van een kortingsactie. Als ze heel veel kopen, krijgen ze korting, zo werkt het. Op de filmpjes lijken ze trouwens niet eens te betalen, voordat ze de winkel weer uit stormen.

Hamsteren is toch iets negatiefs?

Eerlijk gezegd, ik mag die nepvrolijke pluizenbolletjes met die rare piepstemmetjes niet. Hamsteren, dat is toch iets onsympathieks? Van Dale (respect, respect) bevestigt mijn vermoeden. Hamsteren is het (heimelijk) inslaan of bewaren van voorraden in tijden van dreigende oorlog of schaarste. Vaak op zo grote schaal dat anderen tekort komen. In de Tweede Wereldoorlog profiteerden hamsteraars niet zelden dubbel door hun voorraden in de zwarte handel zo duur mogelijk te verkopen. Ook vandaag de dag kun je door te hamsteren schaarste creëren en prijzen opdrijven. Dat heet dan speculatie. AH, daarom staan mij die hamstertjes zo tegen.

Hamsteren is officiële psychische stoornis

Afgeladen met maniakaal grote voorraden, racen de blauwogige knagertjes terug naar hun holletjes. Dat krijgen die kleine funshoppertjes in geen honderd jaar zelf op, dat zie je zo. Maniakaal blijkt trouwens opmerkelijk toepasselijk. Wetenschapsjournalisten melden dat sinds mei 2013 hamsteren officieel een psychische stoornis is. Toen is het opgenomen in de nieuwe Diagnostic and Statistical Manual of Mental Disorders (DSM), leert Google. Dit handboek is samengesteld door een internationaal team van psychologen, psychiaters en epidemiologen. Het handboek wordt wereldwijd gebruikt voor het stellen van psychiatrische diagnosen.

Nederland heeft Anti-Hamsterwet

Er is in Nederland zelfs een wet die hamsteren in bijzondere omstandigheden tegen gaat. De premier kan dan voorstellen om via bijvoorbeeld het ministerie van Economische Zaken hamsteren strafbaar te stellen. De Wet stamt uit 1962 en bestaat in gewijzigde vorm nog steeds. http://www.wetboek-online.nl/wet/Hamsterwet.html#1. Ook andere landen hebben dergelijke wetgeving in gebruik of op afroep beschikbaar. Nou gaat het bij de AHamstertjes niet om zwaar mentaal getroebleerde wetsovertreders, maar echt lollig zijn ze nu ook in ene niet meer.

Zelf sterk geweest

Ik zag vorige week een Hamsteraanbieding van pindakaas in de buurt-AH. Per drie potten een flinke korting. Ik weerstond de uitnodiging. Ik heb er maar een gekocht. En, weet je wat, dat was echt nog steeds goedkoper dan 3 potten.

Waarom dan toch?

Helpen die drukke beestjes echt bij het verhogen van de omzet of zetten ze aan tot schaamteverwekkende overconsumptie? Kijk je naar de commentaren onder de Youtube-filmpjes van de Hamsterweken is er (haast?) niemand die bezwaar maakt. Vond ik toch wel een beetje merkwaardig. Waarom kiest een supermarkt voor dat thema in de communicatie met zijn klanten als de gevoelswaarde van het woord zo negatief is? Is de gerespecteerde grootgrutter in een sink hole beland? Dat is wat mij als tekstschrijver bezighoudt. Nou was ik eens benieuwd, hoe is uw relatie met het hamsterfenomeen? 



www.tekstburgh.nl
Twitter:@HaksWalburgh



donderdag 28 maart 2013

Pas op de 'sinkholes'



In Florida zijn ze het gesprek van de dag. ‘Sinkholes’. Dat zijn diepe gaten die zich zonder waarschuwing plotseling onder je voeten openen en waar je vervolgens compleet in verdwijnt. Maar ook in een gesprek met je fietsenmaker kun je door een communicatief ‘sinkhole’ verrast worden.

Nieuwe fiets kopen in Oss
Afgelopen weekend ging ik een nieuwe fiets kopen voor onze zoon. De klantvriendelijke fietsenmaker was een echte Ossenaar. Na wat rondkijken vond mijn zoon een fiets die hem wel wat leek. Hij mocht een proefritje maken en al snel vertelde mij een grote grijns op zijn gezicht dat hij zijn keus had gemaakt. Voordat hij de winkel weer binnen wilde, maakte hij nog een laatste rondje. Ik ging vast terug. “En?” vroeg de fietsenmaker. In het volste vertrouwen dat ik hem er blij mee zou maken, vertelde ik dat mijn zoon al grijnzend zijn rondjes maakte.
“Vindt hij de fiets dan niet leuk” vroeg de fietsenmaker verbouwereerd, ja bijna beledigd zelfs. Ik snapte daar niets van, want ik had hem toch net verteld dat de fiets juist zeer in de smaak viel? En aangegeven dat de aankoop vrijwel zeker leek? Tenminste, dat had ik gedacht te communiceren met het woord “grijnzen”.

Grijnzen niet altijd grappig
Als tekstschrijver/communicatiemens voelde ik mij uitgedaagd deze verwarring op te lossen. Kennelijk zat het probleem in het woordje grijnzen. Voor mij als getogen Hilversummer betekent dat zoiets als glunderen, of misschien zelfs wel kicken, legde ik uit. De fietsenmaker ging een licht op. Zijn wrevel verdween als sneeuw voor de zon. In het Ossisch dialect betekent grijnzen iets heel anders, vertelde hij. ‘Bende grijnzig?’ betekent ben je chagrijnig? en ‘Wa zedde wer oan 't grijnzen!” wil zeggen ‘wat ben je weer aan het mopperen!’

Tot op de bodem uitzoeken
Toen we dat betekenisverschil ontdekt hadden, trad een soort verbroedering op. Er was echt wederzijds begrip ontstaan doordat we de moeite genomen hadden uit te vinden wat ons communicatieprobleem was. Dat is dus de beloning van het opruimen van misverstanden. 
Dat is in de communicatie tussen een organisatie en de omgeving niet anders. ‘Sinkholes’ zitten in de meest onverwachte hoeken. Hoeveel deals en zakelijke relaties zouden hier op stuk gelopen zijn? En hoe belangrijk is het dus kennelijk om bij onverwachte reacties direct om toelichting te vragen. Dan kan wrevel of onbegrip zo maar het begin zijn van iets moois als een nieuwe klant of een nieuwe leverancier die echt weet wat u wilt.

Tevreden de koop gesloten
O ja, we hebben inderdaad die fiets bij hem gekocht. Met een tevreden grijnslach van iedereen. Sindsdien let ik als tekstschrijver nog extra op communicatieve ‘sinkholes.’

Deel uw eigen ‘sinkhole’ ervaring
Herkent u dit? Heeft u eigen communicatieve  ‘sinkhole’ ervaringen en hoe bent u er weer uitgekomen? Ik ben nieuwsgierig naar de verhalen. Klik op opmerkingen onder deze blog en plaats uw reactie. U kunt ook op elkaars’ commentaar reageren.

www.tekstburgh.nl
Twitter:@HaksWalburgh

dinsdag 5 februari 2013

Commentaar is levensvoorwaarde voor goede tekst



Het was niet makkelijk, maar eindelijk heb je je tekst op papier. Na veel piekeren, schrijven en schrappen staat daar dan als een rots in de branding jouw artikel, brief of rapport. Compliment, het is af, maar niet heus.

Zet de volgende stap
Het begint pas. En ‘Het’ is dan het commentaar vragen op jouw boodschap aan de klant of relatie. Ik geef onmiddellijk toe, ook ik heb er een hekel aan. Maar geloof me, het is een onmisbare fase in het schrijven van je tekst. Je hebt je tekst zo vaak herlezen en herschreven dat je niet meer ziet waar de zin ontspoort. Of je hebt restanten van een voorgaande formulering laten staan en leest daar nu gewoon over heen. Zou je het een willekeurige voorbijganger laten lezen, dan haalt die het er direct uit. Maar jij ziet het niet meer.

Terug naar de bron
Dan is er nog de inhoudelijke kant. Je hebt je informatie bij de deskundige verzameld en een goed doortimmerd verhaal gemaakt. Koppel dan altijd terug met de vraag of het inhoudelijk zo klopt. Dik kans dat er hier en daar iets verbeterd kan worden. Niet alleen verdwijnen in het oog lopende fouten en krijg je een beter verhaal, ook is de geïnterviewde door zijn/haar akkoord medeverantwoordelijk geworden voor de tekst. Kan belangrijk zijn. Bepaal dan voor jezelf wat je nog aan correcties accepteert. Een totaal herschreven verhaal terugkrijgen kan ook de bedoeling niet zijn.

Nachtje slapen prima huismiddeltje
Wat ook een effectief huismiddeltje is, is het eenvoudig even wegleggen van de tekst. Na een nachtje rijpen, vertelt de tekst vaak zelf waar hij niet lekker loopt. Doorlezen is genoeg daarvoor. Zeg dan ook tegen jezelf dat het verhaal minimaal een alinea korter moet, dan schrap je er veel wolligheid uit.

Hoedt u voor de draak
Wees verder voorzichtig met die literaire vondst, waarvan je ”wenend van ongeloof over de schoonheid ervan op de knieën zinkt”. Het kan een tenenkrommende draak blijken te zijn, maar dat ontdek je pas, als iemand anders je vertelt niet te snappen wat je bedoelt. Geloof me, omdat je het zo mooi vindt, zul je eventjes nodig hebben om het te kunnen accepteren. Ik heb inmiddels aardig wat ‘briljantjes’ schoorvoetend weggegooid. En ze blijven zich maar aandienen. Maar wees sterk en wees sober.

Sierlijke zwaan
Pas als je je door het doornbos van commentaar heen geworsteld hebt en dat samen met je eigen voortschrijdende inzicht tot een vernieuwde versie herschreven hebt, kun je er op vertrouwen dat je iets goeds hebt gemaakt. En soms, heel soms, lees je je verhaal na maanden terug en zie je plotseling dat dat moeizame verhaal zo schijnbaar zonder opsmuk, een messcherp betoog is geworden dat staat als een huis. Het lelijke eendje is een sierlijke zwaan geworden.

Herkenbaar?
Ik ben benieuwd hoe jullie ervaring is met het schrijven van die ene ultieme tekst. Vertel me eens over je worsteling of juist die ene keer dat het meteen goed stond. Ik sta op de uitkijk. 

www.tekstburgh.nl
Twitter:@HaksWalburgh






dinsdag 6 november 2012

Titanic: Na 100 jaar verhalen toch nog nieuws

100 jaar Titanic en 100 jaar verhalen! Wat kun je dan in 2012 nog voor nieuws melden bij de honderdjarige herdenking van die epische scheepsramp? De Belgische journalist/auteur Dirk Musschoot slaagde daar wonderwel in door het lot van de Belgische en Nederlandse opvarenden, want die waren er, na te vorsen en te beschrijven.

Nieuwe invalshoek, nieuw verhaal, zelfde publiek
Soortgelijke vragen, zij het vaak wat minder dramatisch, stellen opdrachtgevers mij als journalist/communicatieadviseur vrijwel dagelijks. Ook als auteur van het boek “Het Dertiende Peloton/No Return Flight” over de slag bij Arnhem, heb ik nagedacht over hoe je iets nieuws kunt vertellen over een bekend onderwerp. Vandaar mijn collegiale nieuwsgierigheid naar hoe Dirk Musschoot op het idee gekomen was voor zijn boek en hoe hij dat uitgewerkt heeft. Dus heb ik hem voor Bloggenderwijs geïnterviewd. Een boeiende blik in de kombuis van de journalistiek, die ik graag met u deel.

Nieuwe invalshoek vinden vraagt tijd
Musschoot is nog volop bezig met lezingen en interviews over zijn boek, terwijl de tweede druk al van stapel is gelopen. “Ik ben heel geleidelijk tot mijn invalshoek gekomen. De eerste aanzet ontstond in 1987 toen ik als radioprogrammamaker in contact kwam met iemand die van alles verzamelde rond de Titanic.

Bestaande informatie anders belichten
Originele brieven van en aan slachtoffers, foto’s en onbekende verhalen, zeer indrukwekkend. De man vertelde ook over informatie rond Belgische opvarenden van de Titanic te beschikken. Eensklaps realiseerde ik mij dat het lot van de Belgische en Nederlandse opvarenden een nieuwe kijk op de ramp kon opleveren. Daarop ben ik mee op zoek gegaan naar hun familieleden. Deze mensen leven nog steeds met de verhalen en de gevolgen. Want denk er om, met 27 mensen uit voornamelijk kleine, hechte dorpsgemeenschappen, heeft de ramp zeker in Oost-Vlaanderen een diepe en blijvende indruk gemaakt. Men kende elkaar!”

Nieuwe, passende informatie toevoegen
Via lokale geschiedkundige verenigingen en correspondenten en met veel geduld lukte het Musschoot om contact met die families te krijgen en hun herinneringen of overleveringen op te tekenen. Schrijnend moet het zijn geweest als dat niet lukte en een slachtoffer geluidloos weer in de mist van de tijd moest verdwijnen. Stap voor stap lukte het hem om in de loop van vele jaren telkens nieuwe bouwstenen aan het verhaal toe te voegen.

Toch nog die extra stap zetten
Bij de drie Nederlandse slachtoffers was alleen van de vooraanstaande jonkheer Johann Reuchlin iets meer bekend. Van de andere twee bleef heel lang veel onbekend. Pas doordat Musschoot familie kon traceren en na diepgaand archiefonderzoek, kon hij een beeld opbouwen. Hij vermoedt dat er nog een foto van Wessel van der Brugge zou kunnen bestaan, maar heeft die nog niet kunnen vinden. De inhoud van de roemruchte koffer van Titanic-kok Hennie Blokhuis heeft hij zelf mogen bestuderen. “Sinds het boek verschenen is, zijn al weer enkele nieuwe details aan het licht gekomen. Dat gaat nog wel even door. Reken maar dat nog niet alles boven water is”, schat Musschoot in.

Maar dan staat je verhaal er ook, als een huis
Zijn zoektocht is een inspirerend voorbeeld van hoe de invalshoek op een onderwerp tot een nieuw verhaal kan leiden. Het vinden van die invalshoek is een van de mooiste uitdagingen voor een journalist of schrijver. Of dat nu voor een boek, een vakblad of voor een artikel is, hier ligt een belangrijke toegevoegde waarde van de tekstschrijver voor zijn klant en zijn publiek. 

www.tekstburgh.nl
Twitter: HaksWalburgh

De titel van Dirk Musschoot’s boek is 100 jaar Titanic, het verhaal van de Belgen en de Nederlanders

 

 






maandag 10 september 2012

Alles, en het professionele colbertje, weer uit de kast



Ziezo, de zomervakantie is voorbij en we gaan weer fris en energiek aan de gang. Toch is het voor een zelfstandig tekstschrijver niet genoeg om met deze instelling de computer aan te zetten. Dan blijft het lang en onplezierig stil. Waar de gemiddelde werknemer de eerste ochtend al weer meegesleurd wordt in de oude maalstroom van vergaderingen, rapporten en telefoontjes, dient de zelfstandige met enig vuur email, telefoon, twitter, Linked In en Facebook te bespelen om een eigen maalstroom op gang te krijgen. En er vervolgens weer op uit te trekken, mensen te spreken en nieuwe opdrachten te verkrijgen.

In dit kader en in deze tijd van het jaar wil ik voorstellen om een “Mooie Klerendag” in te stellen. Zeg maar, een soort herentegenhanger van rokjesdag van Martin Bril in het voorjaar. Na een zomer lang afgeknipte spijkerbroeken, slobber T-shirts en slippers eindelijk weer een vlot, maar gekleed setje van lange broek en lange mouwenshirt aan. Wellicht bij gelegenheid zelfs een sportief colbertje. Dan staat er weer een scherpe professional in plaats van een badgast, vind ik altijd. Yes!  

‘Dressed for the occassion” is trouwens voor mij als journalist/communicatieadviseur best belangrijk. Het resultaat van mijn werk is immers pas zichtbaar als de uren gemaakt zijn. Dit in tegenstelling met bijvoorbeeld een fietsenmaker. Daar kunt u als klant tastbaar aanwijzen en uitkiezen wat u wilt hebben. Bij een interview, reportage of advies ziet de klant pas achteraf wat ik als deskundige lever. Daarom laat ik voorbeelden zien, maak controleerbare actieplannen en leg teksten en plannen voor ter becommentariëring. Via mijn website, maar ook persoonlijk. Ik houd regelmatig contact tijdens de werkzaamheden. Ik lever niet zo zeer een “berg woorden”, maar investeer vooral in vertrouwen en samenwerking. Dat is zeg maar mijn professionele colbertje. Dat heb ik altijd aan, niet alleen op Mooie Klerendag in september. Dus als ik binnenkort bel, weet u hoe ik er uit zie. Ik hoop u te ontmoeten.
www.tekstburgh.nl
Twitter:HaksWalburgh